
10 tips voor kmo’s om hun voertuigenpark te elektrificeren
BUSWORLD
Mario Provez en Hannes Huyghe staan BAAV-leden en niet-leden bij in de energietransitie naar zero-emissiebusvervoer in Vlaanderen en Wallonië.
Voor kleine en middelgrote busbedrijven is het geenszins evident is om hun voertuigenpark te elektrificeren. Er moeten immers talrijke stappen worden gezet in een snel wisselende en technologische omgeving. Vanuit die optiek start BAAV met advies en dienstverlening aan leden en niet-leden op het pad van het zero emissie-busvervoer. Ontdek de tips voor kmo’s.
De energietransitie reikt veel verder dan de aankoop van de eerste elektrische voertuigen. Het gaat ook om laadinfrastructuur, energiecontracten en energiemanagement, waarbij het erop aankomt om telkens de juiste keuze te maken in functie van de locatie waar men zich bevindt, de huidige en toekomstige vervoersactiviteit.
- Informeer vooraf bij de milieuambtenaar wat mogelijk is en wat niet kan op uw locatie.
- Uitwijken naar een nieuwe locatie in een industrieterrein is geen garantie want het kan zijn dat die terreinen zijn ingekleurd voor ‘zware industrie’ en dat is een busbedrijf niet.
- Vraag tijdig offertes aan voor werkzaamheden en wijs die toe onder de opschortende voorwaarde van een vergunning.
- Reken op een halfjaar voor aansluiting op het hoogspanningsnetwerk en de plaatsing van een middenspanningscabine op uw terrein.
- Aansluiting op het hoogspanningsnet is misschien duur of onmogelijk waardoor u misschien een nieuwe locatie moet zoeken.
- Kies eventueel voor verspreide kleinere depots met laadpunten en een centrale werkplaats.
- Voor laadinfrastructuur kan u beter samenwerken met een lokale installateur die sneller ter plaatse is dan grote leveranciers wanneer een interventie noodzakelijk is en die de regio en de site kent.
- Om aan elektrische voertuigen te kunnen werken, moeten medewerkers beschikken over een HEV1- of HEV2-certificaat. Zowel het poetspersoneel als de technicus die een wiel wil verwisselen, moeten zich bewust zijn van de risico’s verbonden aan elektrische voertuigen.
- Een HEV2-certificaat is nodig om het voertuig spanningsloos te maken in functie van het uitvoeren van bepaalde werkzaamheden.
- Personeel dat een middenspanningscabine wil betreden om bv zekeringen te controleren moet bij erkende opleidingscentra een BA4- of BA5-certificaat behalen en over de nodige kennis beschikken. Zorg ook steeds dat er een risico analyse opgemaakt werd specifiek voor jouw installatie.
“Waar vervoersgroepen zich daarvoor intern hebben georganiseerd, blijft de uitdaging groot voor kleine en middelgrote bedrijven. Om hen tegemoet te komen, start BAAV met een volledig onafhankelijke adviesdienst voor leden en niet-leden. Omdat de problematiek grotendeels gelijkaardig is voor het vrachtvervoer werd een partnership opgezet met Febetra”, stelt Mario Provez, die werd aangesteld tot senior technical advisor energy transition. Voordien werkte hij 20 jaar als technisch directeur bij Hansea en realiseerde hij aldaar de energietransitie in 20 kleine en grote depots, samen goed voor meer dan 350 elektrische bussen. In zijn taak bij BAAV wordt hij bijgestaan door Hannes Huyghe die onder meer het EAB-project(EmissieArme Bussen) van BAAV begeleidde.
Vergunningstraject niet onderschatten
Eén van de knelpunten bij de energietransitie is het vergunningstraject dat vaak wordt onderschat. “U moet vooraf uw licht opsteken bij het gemeente- of stadsbestuur. Elke burgemeester ziet graag bussen passeren om zijn gemeente te ontsluiten maar heeft vaak niet graag dat er elektrische bussen parkeren”, merkt Mario Provez op. “Wanneer alles vlot verloopt, heeft u een vergunning na een halfjaar. Wanneer bezwaarschriften worden ingediend, kan dat gemakkelijk een jaar duren”.
“Voor de infrastructuurwerken moet u ook zes maanden rekenen, op voorwaarde dat het terrein niet gesaneerd moet worden en er geen gebouwen afgebroken moeten worden. Wanneer u op dezelfde locatie blijft, moeten de werken vaak gefaseerd worden uitgevoerd opdat u de huidige exploitatie kan verder zetten”.
Mario Provez somt de belangrijkste aandachtspunten op waarop ondernemers moeten letten bij de elektrificatie van hun voertuigenpark.
Uitdagende energietransitie in Wallonië
“De nakende energietransitie van het openbaar vervoer in Wallonië wordt alleszins een uitdaging”, geeft Mario Provez aan. “In het dichtbevolkte Vlaanderen heeft u kleinere steden en grote gemeenten die vaak een of meer kmo-zones hebben waardoor het midden- en laagspanningsnet er al zwaarder is. Wallonië zet flinke stappen vooruit maar er zijn nog veel plaatsen waar geen hoogspanning is en het laag- en middenspanningsnet verouderd is. Soms bent u gedwongen om te verhuizen naar een nieuw perceel. Weet dat een financieel aanlokkelijke locatie mogelijk alleen heel duur kan worden aangesloten op het elektriciteitsnet. Plaatsing van een windturbine kan dan een oplossing zijn maar vergt een grote investering en is vergunningsgewijs niet te onderschatten”.

Om een middenspanningscabine en laagspanningszekeringen te controleren, moeten medewerkers een specifiek certificaat behalen.

Tijdens de bedrijfsanalyse wordt onderzocht hoeveel laadpalen u moet toekomstgericht moet inplannen.
Kleine, lokale depots en centrale werkplaats
Omdat lege kilometers vanuit het depot naar de vertrekplaatsen van uw lijndiensten nefast zijn voor uw contract, raadt Mario Provez aan om te werken met kleinere depots en een centrale werkplaats. “Situeer die kleinere depots met parkeer- en laadplaatsen nabij uw vertrekplaatsen en voorzie aldaar een klein kantoor, een chauffeursruimte en een lokaal voor courante onderdelen en materiaal voor klein onderhoud. Daarnaast kunt u een centrale werkplaats uitbouwen met voldoende infrastructuur en gesofisticeerde apparatuur voor groter onderhoud. U heeft daardoor minder mecaniciens nodig en u kunt gespecialiseerde elektrotechnici samenbrengen op één plaats”.
Gepersonaliseerde behoeftenanalyse voor elk bedrijf
“Tijdens een eerste bedrijfsbezoek maken wij een behoeftenanalyse op waarbij we kijken naar de huidige situatie van het bedrijf en de toekomstplannen op het vlak van elektrificatie. Uit de analyse volgen dan de te nemen stappen zoals een nieuwe omgevingsvergunning, verhoging van de netaansluiting, aankoop van laadinfrastructuur en voertuigen, depotherinrichting, laad- en energiemanagementsoftware, enz. Indien gewenst kunnen wij het project geheel of gedeeltelijk mee opvolgen tot en met de eindoplevering. Laat duidelijk zijn dat wij merkonafhankelijk en op maat van elk busbedrijf adviseren en dat wij geen voertuigen of infrastructuur verkopen”, beklemtoont Mario Provez.
“In functie van de ritten die u moet uitvoeren, kunnen wij wel advies geven over de voertuigen (bv. batterijtechnologie en capaciteit), de bijhorende laadinfra en het aanbod op de markt, maar het is en blijft de ondernemer die beslist. Standaardiseren van het voertuigenpark is interessant voor opleiding van medewerkers, uitrusting van de werkplaats en onderdelenvoorraad. Kiezen voor meerdere constructeurs heeft het voordeel dat u kan vergelijken op het vlak van prestaties, verbruik en betrouwbaarheid maar dat heeft een invloed op de kost. De meeste constructeurs bieden de optie van twee laadstekkers waarvan u de positie kan bepalen. Dat geeft u meer flexibiliteit om uw bussen op te stellen. In een pantograaf zou ik niet meer investeren omdat de beschikbare batterijcapaciteit groot genoeg is om de dag rond te komen. Opslaan van elektriciteit in statische batterijen kan een deel van de oplossing zijn om bijvoorbeeld piekverbruik te vermijden maar kan ook ondersteunend werken als er onvoldoende netcapaciteit voorhanden is”.

Ook in Wallonië zet de energietransitie in het openbaar vervoer zich door en zullen exploitanten ook elektrische voertuigen moeten inzetten.
Deel dit artikel met uw collega's
CAR & BUS E-ZINE
Online magazine over collectief personenvervoer over de weg en groepstoerisme.
Nieuws of publiciteit?
Contacteer ons via magazine@fbaa.be





