ZERO-EMISSIE, BASISBEREIKBAARHEID EN MAAS CREËREN OPPORTUNITEIT

Dubbelinterview: CEO-opvolging bij Hansea – Luc Jullet en Joris Larosse

“De transitie naar zero-emissie-busvervoer, de invoering van basisbereikbaarheid in Vlaanderen en de verdere ontwikkeling van Mobility-as-a-Service bieden opportuniteiten voor privé-busbedrijven”, zeggen Luc Jullet en Joris Larosse bij de CEO-opvolging bij de Hansea Groep.

Deel dit artikel met uw collega's

Luc Jullet werkte als juridisch adviseur tussen 1980 en 1998 bij de FBAA en startte nadien bij het toenmalige Linjebuss, dat in 1995 de Antwerpse vervoersgroep De Polder had overgenomen. Sinds 2000, en tot einde september, is Luc Jullet CEO van Hansea, waarna hij wordt opgevolgd door Joris Larosse, die na zijn carrièrestart bij De Lijn, in oktober 2012 algemeen directeur werd van De Polder.

Overschakeling naar basisbereikbaarheid is een opportuniteit

Met zo’n 20% marktaandeel is Hansea de grootste privé exploitant van De Lijn.

“In Vlaanderen bereiden wij ons voor op de toekomstige aanbestedingen en de invoering van de basisbereikbaarheid”, zegt Joris Larosse. “De impact daarvan is nog niet helemaal duidelijk, hoewel de startdatum van 1 januari 2021 nadert. Wij verwachten een optimalisatie van het kernnet en het aanvullend net. Met gepaste oplossingen in elk van de 15 vervoersregio’s willen wij het verschil maken”.

“Afhankelijk van het budget dat door De Lijn en de vervoerregio’s ter beschikking wordt gesteld, wijzigt ook het vervoer op maat”, treedt Luc Jullet bij.

“Algemeen zie ik in de overschakeling naar basisbereikbaarheid een opportuniteit voor de privé-busbedrijven. Omdat belbuscontracten en leerlingenvervoer uit de portefeuille van De Lijn zijn gehaald, is de 50/50-verhouding aan buskilometers tussen De Lijn en privé geëvolueerd naar 60/40. Herstel van de 50/50-verhouding opent perspectieven voor de privé-busbedrijven”.

Vanuit enkele stelplaatsen rijdt Hansea ook voor de SRWT-TEC. De recente aanbestedingen in Wallonië zijn globaal positief geweest voor Hansea, hoewel men twee contracten verloor. Dankzij de goede samenwerking binnen het Conseil Francophone des Exploitants d'Autobus et d'Autocars (CFA) werden de chauffeurs overgenomen door de nieuwe contractant.

Verschil kunnen maken in de Antwerpse haven

De Antwerpse haven is de thuishaven van De Polder voor het woon-werkverkeer van onder andere BASF, de Industrie-bus (i-bus, waarin Bus&Co en Oostmalle Cars participeren) en het Havenbedrijf. Op vraag van het Havenbedrijf werd de fietsbus ingelegd, via dewelke werknemers zich vlot van rechter- naar linkeroever kunnen verplaatsen via de Liefkenshoektunnel.

“Het Havenbedrijf beschouwt de haven als een vervoerregio met specifieke noden aan woon-werkverkeer met grote vervoersstromen rond piekmomenten”, verduidelijkt Joris Larosse.

“De mobiliteitsvraag erheen is groot maar de verkeerscongestie op en rond de Antwerpse ring speelt parten. Havenbedrijven denken samen aan nieuwe concepten met hubs en overstapplaatsen, maar het is niet evident om dat te realiseren. Je wordt immers geconfronteerd met verschillende collectieve arbeidsovereenkomsten (cao). Bovendien moet je probleemloos kunnen overstappen en moet de reistijd beter zijn dan met de eigen wagen. Wij moeten hierin op termijn het verschil kunnen maken, naar prijs en reistijd”.

Blijven investeren in het autocartoerisme

Met De Polder, De Duinen en Heidebloem is Hansea actief in het autocartoerisme. “Wij hebben een beperkt aanbod eigen programma’s en rijden vooral in opdracht van reisorganisaties en lokale verenigingen. Er zit heel wat seizoenvervoer bij naar skigebieden en zomerkampen”, stelt Joris Larosse. “Door te anticiperen op plannen van reisorganisaties halen wij jaarlijks een mooi zakencijfer in een eerder volatiele markt. De voorbije jaren hebben wij het voertuigenpark versneld verjongd. Het is een deelsegment dat aan belang kan winnen. Wij blijven daarin investeren, zowel in personeel als in programma’s”.

In het segment van de lange-afstandsbusdiensten, zoals Flixbus of BlaBlaCar zijn wij niet actief; het is een ander vervoersmodel waarop je kan inspelen en wij houden het zeker in het oog”.

Hansea volgt ook op de voet de initiatieven die in Antwerpen worden genomen rond Mobility-as-a- Service. “Antwerpen leent zich perfect voor initiatieven die de gebruiker zelf laten nadenken over zijn verplaatsingsgedrag. De fietsbus, de kantoorbus en onze ritten voor De Lijn zijn beschikbaar voor een MaaS-toepassing. Voor het bedrijfs- en leerlingenvervoer, evenals voor autocarreizen, hebben wij enigszins gelijkaardige applicaties voor onze klanten. MaaS is alleszins een project waarin wij opportuniteiten zien”.

10 Trefwoorden

Car&Bus vroeg Luc Jullet en Joris Larosse om een korte reactie op tien trefwoorden met betrekking tot de wereld van autobus en autocar.


  1. Chauffeur: “Autobus- en autocarchauffeurs zijn één van de belangrijkste profielen in onze dienstverlening, weliswaar samen met onze medewerkers en technici”.
  2. Doorstroming: “Samen moeten wij trachten om die vervoerswijze te bevoordelen die de grootste en de mooiste bijdrage levert voor het oplossen van de mobiliteitsproblematiek”.
  3. Bus Rapid Transit System: “Een praktische invulling van doorstroming die ook in België kan”.
  4. Vervoer op maat: “Een uitdaging om out of the box mobiliteitsoplossingen voor te stellen die regio-afhankelijk zijn en die het openbaar vervoer kunnen stimuleren”.
  5. Milieuzone: “De leefbaarheid van steden komt meer en meer naar voor en wij hebben het engagement en de plicht om daarop correct te anticiperen”.
  6. CNG/LNG: “Laten ons nadenken over de oorsprong van onze brandstoffen en kunnen interessant zijn voor bepaalde toepassingen en specifieke regio’s”.
  7. Waterstof/Brandstofcel: “Wat is het belangrijkste, het niveau van de emissies of hoe je bepaalde doelstellingen bereikt?”
  8. Autonome voertuigen: “Het is een andere vorm van dienstverlening. Het is technisch haalbaar maar wat overblijft, zijn ethische problemen. Daarom mengt men deze voertuigen beter niet met het andere verkeer”.
  9. Intercity: “De markt van het lange-afstandsvervoer is aan het heropleven en zij hebben de bus terug op de agenda geplaatst”.
  10. Mobility as a Service: “Het is een denkoefening om onze verplaatsingspatronen aan te passen op basis van een samenwerking tussen verschillende vervoersoplossingen én daarin wil Hansea zijn deel vervullen”.

Stappen vooruitzetten in de stedelijke leefomgeving

In de transitie naar groener busvervoer investeerde Hansea reeds in zo’n 200 nieuwe Euro 6-bussen, waaronder MAN Lion’s City en Scania Citywide LE. Voor het stadsvervoer in Namen komen daar nog zes Volvo 7900 Hybrid bij.

“Euro 6-bussen zijn de beste technologie voor dieselmotoren. Wij kunnen die voertuigen ook na 2025 inzetten op trajecten buiten de milieuzones van Antwerpen en Brussel”, stelt Joris Larosse.

“Het is tijd dat er duidelijkheid komt omtrent de milieuzones. Wij moeten de nodige zekerheden hebben om te vermijden dat wij verouderde bussen hoeven in te zetten en om de juiste investeringskost te kunnen berekenen. Een elektrisch pilootproject met één bus, zoals op de Antwerpse lijn 36 is interessant maar een volledige stelplaats overschakelen, is een ander verhaal. Het openbaar busvervoer zal strengere emissienormen moeten naleven. Die evolutie komt er maar het is zeker geen zwart-witverhaal elektrisch of diesel want er zijn nog andere toepassingen mogelijk om (bijna)-zero-emissie te gaan rijden”.

Hansea in enkele cijfers

  • Medewerkers: 1180 voltijdsequivalent
  • Filialen: 20
  • Voertuigen: 811